OranjelogoDe Huizen van Oranje en NassauNassau
Dillenburg (D)
Vlag BelgieVlag NederlandGouden KroonVlag LuxemburgVlag Duitsland

Stambomen Oranje en Nassau

Nassau-Saarbrücken-Usingen

Willem, Prins en Hertog van Nassau. Op 24 Juni 1813 trouwde Willem, in Weilburg, met zijn eerste vrouw Prinses Louise van Sachse-Hildburghausen
(28 januari 1794 Hildburghausen Thüringen - 6 aspril 1825, Biebrich of Weilburg). Zij was de dochter van Frederik, Hertog van Saxe-Altenburg
(die tot 1826 de laatste Hertog was van Saxe-Hildburghausen) en zijn vrouw Hertogin Charlotte Gergine van Meclenburh-Strelitz.

Zij hadden acht kinderen:

  1. Auguste Luise Friederike Maximiliane Wilhelmina van Nassau (Weilburg, 12 April 1814 - Weilburg, 3 October 1814)
  2. Therese Wilhelmine Friederike Isabelle Charlotte van Nassau (Weilburg, 17 April 1815 - Praag, 8 December 1871). Getrouwd in Biebrich op 23 April 1837 met Peter, Hertog van Oldenburg. Hun kleinzoon was Tsaarse Generaal Groothertog Nicholas Nikolaevich van Rusland, de jonge.
  3. Adolphe, Groothertog van Luxembourg (24 Juli 1817 - 17 November 1905). Het huidige Groothertogelijke Geslacht van Luxemburg stamt in de vrouwelijke lijn vanaf 1912 van hem af.
  4. Wilhelm Karl Heinrich Friedrich van Nassau (Biebrich, 8 September 1819 - Biebrich, 22 April 1823)
  5. Moritz Wilhelm August Karl Heinrich van Nassau (Biebrich, 21 November 1820 - Wenen, 23 March 1850), Ongetrouwd en geen nakomelingen
  6. Marie Wilhelmine Luise Friederike Henriette van Nassau (Biebrich, 5 April 1822 - Biebrich, 3 April 1824)
  7. Wilhelm Karl August Friedrich van Nassau (Biebrich, 12 Augustus 1823 - Biebrich, 28 December 1828)
  8. Marie Wilhelmine Friederike Elisabeth van Nassau (Biebrich, 29 January 1825 - Neuwied, 24 March 1902). Getrouwd in Biebrich op 20 Juni 1842 met Hermann 4te Fürst zu Wied (Neuwied, 22 May 1814 - Neuwied, 5 March 1864).
    Hun dochter Elisabeth trad in het huwelijk met Koning Carol I van Roemenie.

Willem trad in de echt met zijn tweede vrouw en nicht van zijn eerste vrouw, Pauline van Württemberg (Stuttgart, 25 Februari 1810 - Wiesbaden,
7 Juli 1856) op 23 April 1829 in Stuttgart. Pauline was een dochter van Prins Paul van Württemberg en zijn vrouw Charlotte van Saxe-Hildburghausen.
Haar overgrootouders waren Frederick I of Württemberg en zijn vrouw Hertogin Augusta van Brunswick-Wolfenbüttel. Augusta was de oudste dochter
van Karel Ferdinand, Hertog van Brunswick-Luneburg and Prinses Augusta van Wales, oudste zuster George III van Engeland.

Willem en Pauline kregen vier kinderen:

  1. Een niet-benoemde dochter (Biebrich, 27 April 1830 - Biebrich, 28 April 1830)
  2. Helene Wilhelmine Henriette Pauline Marianne van Nassau (Wiesbaden, 12 April 1831 - Bad Pyrmont, 27 October 1888), getrouwd in Wiesbaden op 26 September 1853 met George Victor, Prins van Waldeck-Pyrmont
  3. Nikolaus Wilhelm van Nassau (20 September 1832 - 17 September 1905). Morganastisch huwelijk met Natalia Alexandrovna Pushkina, Gravin van Merenberg. Zij was een dochter van Alexander Pushkin en zijn vrouw Natalya Goncharova.
  4. Sofia van Nassau (9 Juli 1836 - 30 December 1913). Trouwde met Koning Oscar II van Sweden. De huidige Koninklijke Geslachten van Belgie, Denemarken, Noorwegen en Zweden zijn uit dit huwelijk voortgekomen.

Nassau-Usingen

Walrad de Oude (25 februari 1635 – Roermond 17 oktober 1702) was van 1659 tot 1688 Graaf

Hij was de jongste zoon van Willem Lodewijk van Nassau-Saarbrücken en Anna Amalia, dochter van Markgraaf George Frederik van Baden-Durlach.
In 1640 erfde hij samen met zijn twee broers zijn vaders territorium. Zij besloten het in 1659 op te delen, zodat Johan Lodewijk Nassau-Ottweiler ontving,
Gustaaf Adolf Nassau-Saarbrücken en Walraad Nassau-Usingen. In 1688 werd hij in de Vorstenstand verheven door Keizer Karel VI. De door de
Dertigjarige Oorlog gedecimeerde bevolking van Nassau-Usingen trachtte hij te vergroten door het binnenhalen van onder andere Hugenoten. Hij nam
als veldheer dienst in het Staatse leger en werd in 1673 door Willem III van Oranje-Nassau benoemd tot generaal en in 1689 tot tweede veldmaarschalk.

Walrad nam deel aan de Negenjarige Oorlog, sinds 1696 als opperbevelhebber, en streed in de Slag bij Fleurus (1690) en de Slag bij Steenkerke (1693).
In de Spaanse Successieoorlog veroverde hij Keizersweert, Venlo en Roermond (1702). Hij trouwde op 16 juni 1678 in Mechelen met Catherine Françoise
Elizabeth Marie van Croÿ (1637 - Frankfurt am Main, 20 mei 1686). Zij was een dochter van Eustache III van Croÿ (1609-1653) Hertog van Croÿ,
6e graaf van Roeulx, Baron van Beaurain, Heer van Rosnée, Houdain, Warnecq en Diéval en Gouverneur van Lille en Doornik uit het Huis Croÿ en
Theodora Geertruida Maria van Kettler erfvrouwe van Lage in 1643 (1613-1682). Hij stierf in 1702 en werd in Nassau-Usingen opgevolgd
door zijn zoon Willem Hendrik I.

Prins Walrad

Uit het huwelijk werden de volgende kinderen geboren:

 

 

  1. Wilhelmina Henriëtte Prinses van Nassau-Üsingen (1679-1718)
  2. Hendrik Prins van Nassau-Üsingen (1680-1682)
  3. Ernestine Prinses van Nassau-Üsingen (1683-1683)
  4. Willem Hendrik Vorst van Nassau-Üsingen (1684-1718)
  5. Maria Albertine Prinses van Nassau-Üsingen (1686-1768)

Walrad

Willem Hendrik I ('s-Hertogenbosch, 2 mei 1684 – Usingen, 14 februari 1718) was de oudste (overlevende) zoon van Walrad de Oude en
Catherine Françoise Elizabeth Marie van Croÿ (1637 - Frankfurt am Main, 20 mei 1686), dochter van Eustache III van Croÿ.

Op 15 april 1706 huwde hij Charlotte Amalia (1680-1738), dochter van Hendrik van Nassau-Dillenburg.

Uit dit huwelijk werden negen kinderen geboren:

 
  1. Françoise (1707-1750)
  2. Hendrik (1708-1708)
  3. Amalia (1709-1709)
  4. Willem (1710-1710)
  5. Karel van Nassau-Usingen (1712-1775)
  6. Ludwig (1714-1714)
  7. Hedwig (1714-1786)
  8. Johanna (1715-1716)
  9. Willem Hendrik II van Nassau-Saarbrücken (1718-1768)
 

Karel van Nassau-Usingen (Usingen, 31 december 1712 - Biebrich, 21 juni 1775) was van 1718 tot 1775 Vorst van Nassau-Usingen. Karel was de oudste (overlevende) zoon van Willem Hendrik I en Charlotte Amalia, dochter van Hendrik van Nassau-Dillenburg. Op 26 december 1734 huwde hij met Christina Wilhelmina van Saksen-Eisenach, dochter van Johan Willem van Saksen-Eisenach. Uit dit huwelijk werden zes kinderen geboren, onder wie de latere Vorsten:

 

    Karel Willem (1735-1803)
    Frederik August (1738-1816)


Karel van Nassau-Usingen

Karel Willem (Usingen, 9 november 1735 – Biebrich, 17 mei 1803) was van 1775 tot 1803 vorst van Nassau-Usingen
en van 1797 tot 1803 formeel ook van Nassau-Saarbrücken.

Uit het huwelijk van Karel Willem met Carolina Felicitas van Leiningen-Dagsburg-Heidesheim is geboren:

1. Caroline Polyxena van Nassau-Usingen (Biebrich, 4 april 1762 - Offenbach am Main, 17 augustus 1823).

Zij was het enige kind van Karel Willem van Nassau-Usingen en Carolina Felicitas van Leiningen-Dagsburg-Heidesheim.

Op 2 december 1786 trouwde ze in Biebrich met Prins Frederik van Hessen-Kassel. Zij kregen de volgende kinderen:

1. Willem (1787-1867), Latere schoonvader van Koning Christiaan IX van Denemarken
2. Karel (1789-1804)
3. Frederik (1790-1876)
4. Lodewijk (1791-1800)
5. George (1793-1881)
6. Louise (1794-1881), gehuwd met generaal George Graaf von der Decken (1787-1859)
7. Marie (1796-1880), gehuwd met Hertog George van Mecklenburg-Strelitz (1779-1860)
8. Augusta (1797-1889), gehuwd met Adolf, Hertog van Cambridge (1774-1850).

Omd dat uit het huwelijk van Karel Willem geen zoons meer in leven waren werd hij opgevolgd door zijn broer Frederik August.

Frederik August was de oudste zoon van vorst Karel en Christina Wilhelmina van Saksen-Eisenach, dochter van
Johan Willem van Saksen-Eisenach.

Frederik August trad in het huwelijk (1775) met Louise van Waldeck-Pyrmont, dochter van Karel August van Waldeck-Pyrmont.

Zij kregen de volgende kinderen:


Frederik August

1. Christina Louise (1776-1829), gehuwd met Frederik van Baden,
zoon van Groothertog Karel Frederik van Baden
2. Carolina Frederica (1777-1821), gehuwd met August Christiaan Frederik van Anhalt-Köthen
3. Augusta Amalia (1778-1846), gehuwd met Lodewijk Willem Frederik van Hessen-Homburg,
zoon van Frederik V van Hessen-Homburg; vervolgens met Friedrich Wilhelm von Bismarck
4. Frederik Willem (1780)
5. Louise Maria (1782-1813)
6. Frederika Victoria (1784-1822)
7. Frederik Karel (1787)

Daar er geen levende mannelijke nazaten meer waren bij de dood te Biebrich in 1816 van Vorst Frederik August, (van 803 tot
1806 Vorst van Nassau-Usingen en daarna tot 1816 Hertog van Nassau), ging het gebied over Frederik Willem's zoon Willem. Willem werd in 1792 geboren als zoon van Vorst Frederik Willem van Nassau-Weilburg en Isabelle van Sayn-Hachenburg-
Kirchberg. Op 9 januari 1816 volgde hij zijn vader op, die sedert 1806 samen met Hertog Frederik August van Nassau-
Usingen over Nassau regeerde. Omdat met diens dood op 24 maart van datzelfde jaar de linie Nassau-Usingen uitstierf,
viel Nassau nu geheel aan Willem toe.

George Willem August Hendrik Belgicus (Kirchheimbolanden, 14 juni 1792 - Kissingen, 30 augustus 1839) was van 1816 tot 1839
Hertog van Nassau. Willem trad op 24 juni 1813 in het huwelijk met Louise van Saksen-Hildburghausen (1794-1825),
dochter van Frederik van Saksen-Altenburg.

Uit dit huwelijk werden acht kinderen geboren:

  1. Augusta Louise Frederika Maximiliana Wilhelmina (1814)
  2. Theresia Wilhelmina Frederika Isabella Charlotte (1815-1871), gehuwd met Peter van Oldenburg
  3. Adolf Willem Karel August (1817-1905), Hertog van Nassau, Groothertog van Luxemburg
  4. Willem Karel Hendrik Frederik (1819-1823)
  5. Maurits Willem August Karel Hendrik (1820-1850)
  6. Marie Wilhelmina Louise Frederika Henriette (1822-1824)
  7. Willem Karel August Frederik (1823-1828)
  8. Marie Wilhelmina Frederika Elisabeth (1825-1902), gehuwd met Hermann zu Wied, moeder van Elisabeth zu Wied
    en Wilhelm Adolph Maximilian Carl zu Wied


Willem van Nassau-Usingen

Op 23 april 1829 hertrouwde hij met Pauline Württemberg (1810-1856), kleindochter van Frederik I van Württemberg.
Bij haar verwekte hij vier kinderen:

1. Dochter (1830)
2. Helena Wilhelmina Henriette Pauline Marianne (1831-1888), gehuwd met George Victor van Waldeck-Pyrmont,
3. moeder van Emma van Waldeck-Pyrmont
4. Nicolaas Willem (1832-1905)
5. Sophia Wilhelmina Marianne Henriette (1836-1913), gehuwd met Oscar II van Zweden


Adolf van Nassau

Adolf Willem Karel August Frederik (Wiesbaden, Biebrich, 24 juli 1817 – Slot Hohenburg, 17 november 1905) was van 1839 tot 1866 de laatste Hertog van Nassau en van 1890 tot 1905 Groothertog van Luxemburg.

Adolf huwde in 1844 zijn eerste echtgenote Elisabeth Michajlovna die één dag na de bevalling van een dochter (1845) overleed. De baby was de dag van de geboorte al gestorven.

Op 23 april 1851 huwde hij Adelheid Marie van Anhalt-Dessau, een nicht van Leopold IV van Anhalt,
en ze hadden vijf kinderen:

Willem IV Alexander (1852-1912), Groothertog van Luxemburg
Frederik Paul Willem (1854-1855)
Marie Bathildis Wilhelmina Charlotte (1857-1857)
Frans Jozef Willem (1859-1875)
Hilda Charlotte Wilhelmina (1864-1952), gehuwd met Frederik II van Baden

Willem Alexander (Willem IV) (Slot Biebrich (Wiesbaden), 22 april 1852 - Slot Berg, 25 februari 1912) was van 1902 tot 1905 regent en daarna tot 1912 Groothertog van Luxemburg. Hij was de zoon van Adolf Willem Karel August en Adelheid Marie van Anhalt-Dessau. De protestantse Willem trouwde op 21 juli 1893 met de katholieke Maria Anna van Bragança, een dochter van Michaël I van Portugal.

Het paar kreeg zes dochters, die rooms-katholiek zouden worden opgevoed:

Maria Adelheid (14 juni 1894 – 24 januari 1924), groothertogin van Luxemburg
Charlotte (23 januari 1896 – 9 juli 1985), groothertogin van Luxemburg, gehuwd met Felix van Bourbon-Parma
(28 september 1893 - 8 april 1970)
Hilda (15 februari 1897 - 8 september 1979), gehuwd met Adolf zu Schwarzenberg (18 augustus 1890 - 27 februari 1950)
Antonia (7 oktober 1899 - 31 juli 1954), gehuwd met kroonprins Rupprecht van Beieren (18 mei 1869 - 2 augustus 1955)
Elisabeth (7 maart 1901 - 2 augustus 1950), gehuwd met Lodewijk Filips von Thurn und Taxis
(2 februari 1901 - 22 april 1933)
Sophie (14 februari 1902 - 24 mei 1941), gehuwd met Ernst van Saksen, zon van Frederik August III
(9 december 1896 - 14 juni 1971)

Willem IV van Luxemburg


Marie-Adelheid

Maria Adelheid Theresia Hilda Antonia Wilhelmina, Slot Berg, 14 juni 1894 – kasteel Hohenburg, Beieren, 24 januari 1924), was Groothertogin van Luxemburg van 1912 tot 1919.

In 1912 overleed haar vader Groothertog Willem IV, die zij op dat moment opvolgde. Tot haar 18e verjaardag in 1914 deed ze dat onder het regentschap van haar moeder Maria Anna van Bragança. Door haar vader op te volgen werd Maria de eerste vrouwelijke Groothertog van Luxemburg. 22 jaar eerder, bij het overlijden van Willem III der Nederlanden in 1890, mocht de Luxemburgse troon vanwege de Salische Wet nog niet door de troonopvolger uit het Huis Oranje-Nassau worden overgenomen, omdat dat een vrouw was: Wilhelmina, die wel de Nederlandse troon erfde van Willem III. In Luxemburg is toen gekozen voor een mannelijke opvolger uit het Huis Nassau-Weilburg, Adolf van Luxemburg.

Dat betekende het einde van de personele unie tussen Luxemburg en Nederland. In 1907 werd de Salische Wet in Luxemburg buiten werking gesteld en kon Maria Adelheid haar vader opvolgen. Van bij de aanvang van haar regering streden despotische neigingen en tomeloze energie om de voorrang, waardoor zij regelmatig in aanvaring kwam met haar ministers. Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog probeerde zij symbolisch de opmars van de Duitse troepen aan de grenzen van haar Vorstendom tegen te houden, door haar wagen bij de grenspost dwars over de weg te parkeren. Aan Keizer Wilhelm II liet zij weten "dat de schending van de Luxemburgse neutraliteit voor altijd een smet zou werpen op de eer van zijn Rijk...".

Niettemin vonden heel wat Luxemburgers, met name de linkse partijen, dat zij te veel sympathie voor de Duitsers had betoond. Na de wapenstilstand werd
haar door het Luxemburgse parlement verzocht zich te onthouden van elke politieke handeling, tot er over haar lot zou beslist worden. In de nacht
van 9 op 10 januari 1919 deed zij troonsafstand. Het parlement riep de Republiek uit, maar herstelde 48 uur later de monarchie, toen bleek dat haar
jongere zuster Charlotte bereid was haar op te volgen. Maria Adelheid volgde daarop haar religieuze roeping en trad in het klooster van de Karmelietessen
te Modena. Later trad zij nog in bij de Kleine Zusters van de Armen in Rome. Om gezondheidsredenen moest zij dit klooster na korte tijd weer verlaten,
waarna zij zich in Beieren vestigde, waar zij ook overleed. Haar lichaam werd bijgezet in de kathedraal van Luxemburg.

Charlotte Adelgonde Elisabeth Maria Wilhelmina (Colmar-Berg, 23 januari 1896 – Fischbach, 9 juli 1985), tweede dochter van Groothertog Willem IV, was Groothertogin van Luxemburg van 1919 tot 1964. Charlotte werd geboren op Kasteel Berg in Luxemburg. Op 15 januari 1919 volgde zij haar oudere zuster Maria Adelheid op, en op 6 november van datzelfde jaar huwde zij Prins Felix van Bourbon-Parma, zoon van Robert I van Parma en een rechtstreekse afstammeling van Lodewijk XIV.

Tijdens de regering van haar zuster was er in Luxemburg een sterke stroming ontstaan voor de aansluiting bij Frankrijk. Die tendens werd door Parijs niet aangemoedigd, om de vriendschappelijke betrekkingen met België niet te vertroebelen. De nieuwe Groothertogin liet over deze kwestie op 28 september 1919 een referendum houden, waaruit bleek dat 78% van de Luxemburgers tégen de republiek en tégen een eventuele aanhechting bij België was. Tijdens haar bewind tussen de jaren 1920 en 1940 was er een van welvaart en sociale vrede. Het groothertogelijke paar kreeg zes kinderen, die allen een geslaagd huwelijk sloten.

Op 10 mei 1940, bij de Duitse inval, vertrok Groothertogin Charlotte met haar gezin en haar ministers naar de Verenigde Staten en daarna naar Londen, waar zij tijdens de Tweede Wereldoorlog verbleef. Enthousiast zette de populaire vorstin zich daarna in voor de wederopbouw van haar land, dat tijdens het Ardennenoffensief voor de
helft verwoest was.


Groothertogin Charlotte

Dankzij het toerisme, de financiële instellingen en de staalindustrie verrees Luxemburg sterker dan ooit tevoren uit het oorlogspuin. Door de vestiging
van enkele belangrijke Europese instellingen kreeg het landje onder haar impuls internationale allure en verwierf het de hoogste levensstandaard van
Europa. Ondanks de grondwetswijziging van 1919, die de Vorstelijke bevoegdheden aanzienlijk hadden beperkt, gebeurde er in Luxemburg maar weinig
waar Groothertogin Charlotte zich niet direct of indirect mee bezighield. Zelfs de oprichting van de populaire zender Radio Luxembourg was haar initiatief.

Zij droeg op 4 mei 1961 de regering over aan haar oudste zoon Jan, als stadhouder, en deed 12 november 1964 te zijnen gunste volledig afstand van de
troon, tot ergernis van haar echtgenoot Prins Felix (die in 1970 overleed, enkele maanden na hun gouden bruiloft). Sindsdien leidde zij een
teruggetrokken leven op het kasteel van Fischbach waar zij zich bezighield met haar hobby's: lectuur, muziek en tuinieren. Groothertogin Charlotte
overleed op 89-jarige leeftijd op Kasteel Fischbach. Haar stoffelijk overschot werd bijgezet in de kathedraal van Luxemburg