De Huizen van Oranje en NassauNassau
Friese Koningen Folcwada en Aldgillis
Vlag BelgieVlag NederlandGouden KroonVlag LuxemburgVlag Duitsland

De Friese Nassau's

Het Anna orgel Waalse Kerk

In de Waalse kerk te Leeuwarden hielden de Frans sprekende leden van de hofhouding en het garnizoen sinds 1659 hun Hervormde diensten.
Een deel had roots in Wallonië of Frankrijk. Sommige autochtonen ontleenden status aan het het lidmaatschap van de Waalse gemeente. Vóór de
reformatie in 1580 maakte de kerk deel uit van het kloostercomplex van de Witte Nonnen, dat in 1507 was gesticht. Een aantal elementen uit de
kloostertijd zijn nog te herkennen. In de kerk bevindt zich een orgel uit 1735 van orgelbouwer J.M. Schwartsburg. Zowel Schwartsburg als zijn
leermeester Müller, de bouwer van het orgel in de Grote Kerk, waren afkomstig uit de Harz.

Het schitterend gebeeldhouwde orgel was een geschenk van Anna van Hannover, dochter van de Engelse Koning en de gemalin van stadhouder
Willem Carel Hendrik Friso. De Waalse gemeente werd in 1888 opgeheven. Bij de restauratie in 1986 kreeg de kerk de okergele kleur die door de
negentiende eeuwse stadsarchitect Thomas Romein vaak werd toegepast. Het ooit eveneens tot het kloostercomplex behorende buurpand werd
enkele jaren geleden met de huisnaam 'de witte non' getooid.

Het meer dan fraaie ordel van dichtbij en gesitueerd in de kerk.

Op rijk gesneden balustrade zijn in het midden onder het orgel wapens van Marie Louise van Hessen-Kassel en J.W. Friso uit 1742 gesitueerd.
De omlijsting van het orgel straalt groot vakmanschap uit. Het een is nog fraaier uitgebeeld van het andere, hetgeen de hand van een meester-
timmerman verraad. Daar tegemnover is de zaal van een wat eenvoudiger snit, aangekleed met de gebruikelijke kerkstoelen. De balustrade van het
balkon geeft een eigentijds kleur en vorm weer. Muren, zoals gebruikelijk ook in de tijd van de erfstadhouder, zijn wit van kleur en een prachtige
kroonluchters die stralend aan het goed afgewerkte plafond hangen, maakt het geheel compleet.
Het schitterend uitgevoerd front van het Orgel.

Het orgel van deze kerk was het grootste instrument dat Johann Michael Schwartzburg heeft gemaakt. Het orgel bezat in 1740 twee klavieren:
Hoofdwerk en Onderpositief. Schwartzburg was in 1725 met de orgelbouwer Christian Müller meegekomen naar Leeuwarden om te assisteren bij
de bouw van het orgel in de Grote Kerk. Na het gereedkomen van dat instrument in 1727 bleef Schwartzburg achter in Leeuwarden en begon voor
zichzelf. Van zijn hand bestaan nog instrumenten in Wolvega, Burgwerd en Morra. Hij stierf te Leeuwarden in 1748.


De kerkzaal uitgelicht.

1854 werd het instrument ingrijpend verbouwd door L. van Dam en Zonen, (Leeuwarden). De hersteller maakte een nieuwe dispositie, daarbij een
nieuwe windlade voor het tweede manuaal en plaatste dat in een zwelkast. De firma D.A. Flentrop (Zaandam) restaureert het orgel in 1952, waarbij het
ingrijpend werd veranderd. De eerder genoemde zwelkast was niet meer aanwezig en werd dus nieuw geplaatst. Helaas mocht dat niet helpen en was het
in 1986 onbespeelbaar geworden. In 2002 restaureerde de firma Bakker & Timmenga (Leeuwarden) het instrument, waarbij de zwelkast
(het vroegste voorbeeld in het noorden) kon worden gereconstrueerd. In feite werd de in 1854 ontstane situatie gereconstrueerd
en tot op de dag van vandaag is dit fraaie orgel bespeelbaar.

Vernieuwd klavier,voetpendalen en register orgel

Thans heeft het orgel de volgende dispostitie.

Hoofdwerk C-c”’
Prestant 8′
Holpijp 8′
Octaaf 4′
Fluit 4′
Quintfluit 3′
Octaaf 2′
Mixtuur 4-5 st.
Trompet 8′
Nevenwerk C-c”’
Prestant 8′
Viool de Gambe 8′
Roerfluit 8′
Fluit travers 4′
Salicionaal 4′
Nachthoorn 2′
Dulciaan 8′
Pedaal C-d
aangehangen
2 afsluiters
Tremblant
Zwel
Ventiel

De schenkster van dit orgel was Anna van Hannover. Zij had tijdens haar jeugd nog les van de beroemde Duitse componist George Friedrich Händel.
Na haar huwelijk met de Friese stadhouder Willem Carel Hendrik Friso was zij in Leeuwarden komen wonen. Voor haar terkerke gaan maakte zij gebruik
van de Waalse kerk. De Prinses ergerde zich mateloos aan het oude krakkemikkige instrument dat in het gebouw stond en de naam orgel bepaald niet
verdiende. Geen fatsoenlijk geluid bracht dit instrument voort en zij besloot, in samenspraak met haar echtgenoot, daar wat aan te doen.
Er kwam de eerste helft van de 18e eeuw een nieuw orgel met hoofd- en bovenwerk.

De schenkers, de Erfstadhouder Prins Willem IV van Oranje-Nassau, hun wapens en zijn echtgenote Prinses Anna van Hannover.

De Waalse kerk in Leeuwarden werd gesticht rond 1525 door de Dominicanessen, een katholieke Orde van nonnen gewijd aan de heilige Domininicus.
In het jaar 1530 werd de kerk, onderdeel van het toenmalig klooster en werd ingezegend in 1530 door leden van de voornoemde Orde, alvorens als
Godshuis in gebruik te nemen. In de kerk bevindt zich een fraaie preekstoel en die stamt uit, plm 1630.Het gebouw kenmerkt zich als een eenbeukige
kapel van de Dominicanessen. Het werd, in 1839 van het koor beroofd.

In dakruiter boven de gevel aan de Grote Kerkstraat werd een klok, vervaardigd door Jurjen Balthasar uit 1661, geplaatst. Deze heeft een diam. 60,5 cm.
De eenbeukige kerk uit 1530 in de Grote Kerkstraat is thans een rijksmonument. Net boven en entreedeuren is in de gevel een steen gemetseld, die de
sluitsteen voorstelt. Dit gebouw werd ooit gebruik door de Waalse Gemeente uit Leeuwarden maar thans vinden Remonstranten daar hun onderdak.

Linkerzijde voorgevel kerk, de sluitsteen boven de entreedeur van de kerk en rechter vooraanzicht van de kerk

In 1207 stichtte de Spaanse kanunnik Dominicus Guzman een monialenklooster te Prouille in de Languedoc. In 1212 ontvingen zij een eerste leefregel
en in 1215 volgde pauselijke goedkeuring door Innocentius III, nog vòòr de goedkeuring van de Orde der Dominicanen door Honorius III in 1216.
De monialen volgen net als de Dominicanen de Regel van Augustinus en zij hebben daarnaast eigen constituties. Ieder klooster was onafhankelijk.
In Frankrijk en Spanje zijn er wel federaties van kloosters. Er bestonden in de Middeleeuwen verschillende kloosters van monialen dominicanessen in
de Noordelijke Nederlanden. Het eerste klooster werd gevestigd te Wijk bij Duurstede (1399). Tijdens de Hervorming en de Opstand werden alle
kloosters in de Noordelijke Nederlanden gesloten.

Luchtfoto van Kloster Arenberg

In 1885 werd het klooster van tertiarissen Dominicanessen van de Duitse congregatie van Arenberg in Venlo een monialenklooster. In 1971 verviel
officieel de aanduiding Tweede Orde van Dominicus. De Dominicanessen van Venlo verhuisden enige jaren geleden naar Nijmegen. Behalve de monialen
die een leven van contemplatie leiden, bestaan er vele dominicaanse zustercongregaties. Naar kerkelijk recht leven zij onder clausuur. Deze congregaties
zijn actief in bijvoorbeeld ziekenzorg, onderwijs en reclassering. Alleen al in Nederland zijn er vijf congregaties actief, zoals de Dominicanessen van
Voorschoten, van Neerbosch en van Bethanië. Internationaal werken de dominicanessencongregaties samen in Dominican Sisters International.
De Dominicanessen vormen een kloosterorde van monialen die een contemplatief (beschouwend) leven leiden.