OranjelogoDe Huizen van Oranje en NassauNassau
Eclatant Vervoer
Vlag BelgieVlag NederlandGouden KroonVlag LuxemburgVlag Duitsland

Vorstelijk Vervoer

Ontstaan Vorstelijk Vervoer

Vervoer wat is dat nu eigenlijk. Het is een samenraapsel van vele middelen die men kan gebruiken om mensen, dieren en vracht te vervoeren van de ene
bestemming naar de andere. De uitrusting die hiervoor kan worden gebruikt, verschilt van geval tot geval. Mensen vervoert je nu eenmaal op een andere
manier dan dieren of vracht. Het zou bepaald niet best zijn als je alles over een kam zou scheren en voor elk vervoer een transportmiddel ter beschikking
had. Ziet u het al voor u, je wordt vervoert in een veewagen, achterin een vrachtauto, of vrachtvliegtuig. Hmm, niet zo best voor onze toch al kostbare
lijf en de botten daarin. Neen, dan liever een vervoersmiddel afgestemd op de eisen die dit nu eenmaal met zich brengt. Dus, mensen in een fatsoenlijk
vervoersmiddel, dieren in een transportmiddel dat daarvoor is bestemd en vracht gestapeld en wel daar waar het hoort; duidelijk minder luxueus dus.


De trekschuit, dilligence, karos, paard en lopen

Er waren en zijn diverse middelen en mogelijkheden om vervoer te plegen. Lopend en dat was iets dat door de plebejers (de Lagere Klasse) als enig middel
van voorbeweging om van A naar B te komen zonder al teveel kosten, werd gedaan. Slapen deed men aan de kant van de weg. De rijken daaronder
sliepen in een herberg. De trekschuit was al wat aangenamer. Er kon worden geslapen en gegeten. Het dier, al eeuwenlang het transportmiddel bij uitstek, werd ook vaak gebruikt om op de plaats van bestemming te komen. In veel gevallen met een harde kont maar daar wende je wel aan, zeker bij gebrek
aan iets aangenamers. De koets deed opgang. In het begin was iets van een vering nauwelijks te bekennen en de brik was met zo stijf en hard als een plant.
In de loop van de jaren daarna werden deze uigerust met veren. De diligence op de plaat was daar een sprekend voorbeeld van. Eindelijk eens iets waar
fatsoenlijk in gezeten kon worden.

Hoogadelend Vervoer
Hoogadelend vervoer, de Prins van Oranje, Willem V op een leeftijd van 4 jaren op tegenbezoek. bij de Franse Ambassadeur.

Het regerend Geslacht van Oranje deed het even anders. Wie goed kijkt, ziet een klein mannetje achter het raam van deze vergulde koets met beschilderde
panelen. Een van de voorlopers van De Gouden Koets in latere eeuwen. Het is Prins Willem V, vier jaar oud, op weg naar de Markies De Bonac,
ambassadeur van Frankrijk. Hij ging hem op 20 december 1752 een tegenbezoek brengen, ...in ceremonie en uiterste statie... De dag tevoren was
de ambassadeur op Paleis Huis ten Bosch geweest, bij de Prins en zijn moeder, Anna van Hannover. De kleine Willem V reed in een stoet in een koets
getrokken door acht paarden. Op de bok een koetsier-majoor.

Vervaardigd door de Schilder Haag, Tethart Philipp Christian (1737-1812), 20-12-1752 / 1753 in aquarel in een tekening op een rol van 6,5 meter lang.
Achter de Koetsier met zweep, twee lakeien en lopend ter linker en rechterzijde twee gewapende officieren voorzien van Oranje-Witblauwe pluimen op hun hoed en een sabel ter linkerzijde. Voorts garderegimenten en officieren te paard, en vijf galarijtuigen met koetsiers, pages en lakeien, voorafgegaan door voorlopers en omringd door rijtuigknechten, hellebaardiers en lijfwachten. Een stoet met Vorstelijke allure en dat was precies het beoogde effect.

De Oranjes te Paard
De Oranjes te paard.

In het begin gold het paard, de schuit en iets wat op een koets leek als de middelen van vervoer. In die tijd veruit favoriet was het paard. Een beter
vervoermiddel kon men zich niet indenken. Het had voor het gemak ook nog een andere funktie, die van srtijdros, waarmee de legers - voornamelijk de
beter gesitueerden daarin - ten strijde konden trekken. Na de trekschuit, de koets en de dilligence voor het gewone publiek, kwamen er andere middelen
van vervoer. De luchtballon werd al ver voor Keizer Napoléon ontdekt maar als vervoermiddel weinig gebruikt. De motor werd uitgevonden en die bracht
een ommekeer teweeg in het gebruik van vervoesmiddelen. De toepasbaarheid van dit soort zaken was vele. Vervoersmiddelen met verbrandingsmotors
kwamen op de markt, vliegtuigen werden uitgevonden, Later kwamen daar bussen bij.

GalaBerliner CoupéGalaBerliner
GalaBerliner Coupé en een GalaBerliner.

In Europa werd het systeem van veren ontwikkeld in de 16e eeuw, toen men op het idee kwam de carosserie van een wagen te scheiden van de assen en
het in leren riemen werd gehangen. De overleving vertelde dat de Hongaarse stad Koczi zijn naam gaf aan dit comfortabele voertuig. De wagon van
Koczi populair werd in Europa als Kutsche, Koets, Coach, Coche enz. De luxe van een rijtuig vergemakkelijkte het reizen en vanaf dat moment
werden verschillende soorten rijtuigen gebouwd. Voor lange afstanden verving men de huifkar door rijtuigen met een dak.
Later met een gesloten cabine met deuren en ramen. De Berlin is daarvan een bekend voorbeeld.


Een rijtuig is een voertuig voor menselijke vervoer,
met het comfort van veren en getrokken door
paarden of andere dieren.
(Chaise)

Rijkelijk versierde zware carosses werden gebouwd voor Koningen, Prinsen en Bisschoppen. En dan waren er nog de eenvoudigere voertuigen, vaak
genoemd naar hun functie of vorm. De chaise was een stoel op wielen, de openheid van een Calèche leek op een kelk. Toen de techniek van het smeden
van ijzer zich ontwikkelde na 1800, stalenveren het leer vervangen. Industrieel vervaardigde veren, assen en andere metalen onderdelen verbeterden
de kwaliteit van de rijtuigen. Bovendien was het mogelijk om de productiekosten te verlagen en een groot aantal verschillende modellen gebaseerd op standaard onderdelen te ontwikkelen. Elke plaatselijke wagenmaker kon dus zijn eigen coach ontwerpen. De 19de eeuw was de Gouden Eeuw voor
het vervoer. Regeringen legden verharde wegen aan en het verkeer werd daardoor gestimuleerd.

Auropark Koninklijk Huis
Deel autopark Koninklijk Huis.

De auto's werden gemeengoed en het vliegtuig liet zich dominant gelden, de fiets en ga zo maar door. Het is eigenlijk teveel om om te noemen.
Om het verhaal over het ontstaan vanVorstelijk Vervoer, enigszins leesbaar te houden beperken wij ons hier tot dieren, rijtuigen, auto's, trein, bus en
het vliegtuig. Voorlopig lijkt dat wel voldoende te zijn voor het Koninklijk Huis om zijn leden adequaat te kunnen vervoeren van A naar B en van B naar A.
Het verhaal over de ontwikkeling van het vervoer, gericht op onze Koningen, Vorstinnen, Prinse(ssen)n van den bloede en! van het
Geslacht van Oranje-Nassau, is boeiend en interessant te noemen.

Koninklijk Vliegtuig
Koninklijk Vliegtuig PH-KBX

Wie schaft wagens etc. aan en onderhoudt nu de voertuigen - in welke vorm dan ook - bestemd voor het Koninklijk huis? Dat is het Koninklijk Staldepartement. Dit instituut zit in 's Gravenhage en een dependance bevindt zich op Paleis het Loo te Apeldoorn. Het Koninklijk Staldepartement
verzorgt het vervoer van de leden van het Koninklijk Huis en de hofhouding. Het maakt deel uit van het Civiele Huis van de Dienst van het
Koninklijk Huis. Het Koninklijk Staldepartement is in 1815 door Koning Willem I opgericht. In 1878 werd de huidige behuizing aan de Hogewal
in Den Haag in gebruik genomen. Sindsdien is het stallencomplex een aantal malen verbouwd.

Voorkant Staldepartement 's Gravenhage (l & r).

Het Koninklijk Staldepartement werd tussen 1876 en 1879 gebouwd in eclectisch renaissancistische stijl naar ontwerp van architect H. P. Vogel.
Hier staan onder meer de paarden van de Koninklijke familie en (sinds 1898) de Gouden Koets De gebouwen liggen in carrévorm rond een rechthoekige
binnenplaats. Meest opvallend is de entree met gesneden dubbele paneeldeuren onder een middenpoort met naaldspits en fronton waarin het
Koninklijk wapen is gebracht. In het midden van de binnenplaats staat een ronde gemetselde drinkwaterbak met hierin een ijzeren lantaarnpaal.
In de noordhoek van het terrein ligt een Fordgarage die uit 1912 dateert en als onderkomen werd gebouwd, nadat de auto als officieel
vervoermiddel voor het Koninklijk Huis was ingevoerd.

Koninklijke Stallen
Het Koninklijk Staldepartement.

De dagelijkse leiding van het departement is in handen van de Stalmeester, de kolonel der Marechaussee Bert Wassenaar.

Het Staldepartement mag gerekend worden tot een van de meest spectaculaire stalbedrijven ter wereld, met een uitzonderlijke collectie rijtuigen,
tuigen en livreien. Het Staldepartement is verantwoordelijk voor het dagelijks vervoer van de leden van het Koninklijk Huis. Werden de paarden vroeger
ook voor dit vervoer ingezet, tegenwoordig vervullen zij een representatieve en ceremoniële rol. Wanneer de Koningin op Het Oude Loo verblijft, het
Middeleeuwse kasteeltje naast Paleis Het Loo of wanneer de paarden getraind worden, doet een deel van die de Stallen op Paleis Het Loo weer als
vanouds dienst als onderkomen voor deze paarden.

De Paarden, Friezen, Gelderlanden en GroningersSchimmels Koninklijk Huis
Paarden bestemd voor leden van het Koninklijk Huis.

De Industriële Revolutie verhief de rijkdom van de middenklasse en deze kochten duizenden van de wagens. Vervoersfabrieken werden opgericht in vele
landen. Zij publiceerde catalogi, waren aanwezig op tentoonstellingen en de industrie verscheepte hun producten wereldwijd. Cartwrights ontwikkelden
zich tot industriëlen. Rond 1900 ontstond de 'Belle Epoque'. Europese rijtuigen waren alom aanwezig als gevolg van de Industriële Revolutie en het
Europese imperialisme. Maar toen het gemotoriseerde paard de dieren ging vervangen ontstond er een andere economisch interessante situatie. Tal van
vervoer bouwers probeerden te overleven door het bouwen van auto's van cabriolet tot coupe's. Maar een enkeling gelukte dit. Andere wagenmakers startten garages en tankstations. Tegenwoordig zijn rijtuigen zeldzaam en behoren zij tot de antieke voorgangers van de auto, motor, bus en vliegtuig.