OranjelogoDe Huizen van Oranje en NassauNassau
Koninklijk Reizen
Vlag BelgieVlag NederlandGouden KroonVlag LuxemburgVlag Duitsland

Vorstelijk Vervoer

Restauratie Glazen Koets

In het jaar 2007 besloot Koningin Beatrix dat de restauratie van de Glazen Koets diende te gebeuren. De opdracht ging naar de Koninklijke Stallen in
Den Haag die onder leiding van Opperstalmeester Kolonel Bert Wassenaar zijn beste beentje voorzette om deze unieke opdracht tot een goede einde te brengen. Na twee jaren van historisch onderzoek naar data die van wezelijk belang waren voor het terugbrengen van de Glazen Koets in de originele stijl
ten tijde van de opdrachtgever Koning Willem I, verkreeg men de gegevens daarvoor. Dat was het jaar 1826, de periode van oplevering.
Immers dat jaar werd bepalend voor de restauratie van de Glazen Koets van nu. Zeer gespecialiseerde bedrijven en vakmensen werden aangezocht
om deel te nemen aan dit unieke project.

De volgende bedrijven kregen de vereerde opdracht tot medewerking aan dit project van het Koninklijk Staldepartement:

• Meesterschildersbedrijf Pouwels in Ossenzijl,
• Restauratieatelier Mosenbacher in Den Haag,
• Rijtuigbouw Neeleman in Zevenhuizen,
• Zoppi Koperbewerking in Den Haag.


De meestertimmerman aan het werk.

De Rijtuigen bouwer Neeleman startte met de ontmanteling van de koets, hetgeen een secuur werkje was. Stuk voor stuk werden de onderdelen
genummerd en op volgorde van plaatsing gelegd, dan gearchiveerd voor later gebruik. Daarmee waren deze voorwerpen direct bij de hand, zodat geen
tijd verloren kon gaan met het zoeken. Van binnen waren een aantal zaken niet op orde. Te oud, vergaan en verrot etc. Daarom werd eerste daarvoor
vervangende onderdelen vervaardigd. Dat duurde enige tijd daar de oude technieken door hen gebruikt het niet toestonden sneller te werken.
De uiterste nauwkeurigheid was een noodzaak anders paste het niet meer.

Enige tijd verstreek met vooronderzoek. Tenslotte waren alle gegevens bekend en kon men beginnen met de eigenlijke restauratie van het houtwerk van
de koets. Een meestertimmerman, die zijn sporen in dat métier had verdiend, begon aan die heidense klus. Met kennis van zaken werd, beetje bij beetje,
het chassis, alle veren, de bok, de binnen banken, de deuren, de geleidingsriemen van de paarden en het bijbehorend tuig weer terug gebracht in de
staat waar het feitelijk hoorde.


Antieke spijker

De antieke spijker die het materiaal bijeenhield was niet geschikt meer dus werden er nieuwe gesmeed, met de hand wel te verstaan. Zo'n spijker, zeker
uit die tijd was - zoals we dat tegenwoordig mooi kunnen schrijven - 'handmade' gesmeed. De meestersmid maakte met kennis van zaken er een aantal van.
Vervolgens kwam de schoonmaakster maar dat was niet een gewone interieurverzorgster maar een die jarenlang voor haar vak had gestudeerd.
Een bijzonder vak mag je dat wel noemen. Het heet tegenwoordig restaurateur. Zoiets doen we ook met oude schilderijen die te lijden hebben gehad
onder een diversiteit aan invloeden waardoor de verf craquelé vormen aanneemt. Alvorens het feitelijke opknapwerk kon beginnen dienden onnodige verflagen te worden verwijderd. Wat resteerde was de eigenlijke verf die daarna werd schoongemaakt met wattenstaafjes. Een uiterst secuur werkje.


Klasse restaurateur aan het werk.

Het is al een heidens karwei de verf laag voor laag te verwijderen, laat staan het overblijfsel schoon te maken. Een aantal uren boven het hoofd werken is
een zware arbeid, vereist concentratie en kost veel energie. De bijbehorende verf aan te maken met basismaterialen die echt stammen uit de periode
- 1826 - dat de koets werd vervaardigd, lijkt al een kunst op zich te zijn. Ook hier is nauwkeurigheid van mengen een vereiste. Dan de oude verflaag
bijwerken en vervolgens de nieuwe laag daarop aanbrengen. Heel gewoon handwerk, maar wat voor een. Ook hier is snelheid niet geboden
maar eerder meesterschap van het stiel.

De beeldhoudster die echt nodig was om de koets haar oude aanzien terug te geven, ging aan de slag. Ook voor haar telde kwaliteit en nogeens kwaliteit.
Het is de meester van hetgeen we maken. Hout van meer dan een eeuw oud werd daarvoor aangekocht. Op maat gezaagd met een handzaag en met de
hand uitgestoken op dat het precies past in het oude materiaal. Zo wordt veel energie gebruikt door de beeldhouwster. Wat zij doet is eigenlijk een allang
uitgestorven beroep. Ook een heidens en zeer precieze arbeid, waarbij men niet even een uitglijder kan maken, zonder dat dit verregaande gevolgen
voor het een en ander heeft.

Zeer geconcentreerde vakvrouw.

Zeer geconcentreerd werd de arbeid aan voor- en achterkant verricht. Millimeter voor millimeter bracht de vakvrouw, stukje en beetje de
broodnodige en vereiste vorm uit 1826 weer terug naar wat het ooit was geweest. Met de technieken die werden gebruikt aan het begin van de 19e eeuw.
Ook gebruikte zij daarvoor de oudegereedschappen, zoals steek- en hakbeitels uit die tijd. Het resultaat mag er zeker zijn.

Een andere restaurateur geeft glans aan haar vakgebied door het even zo goed te doen als haar collega. Zij neemt het rollend materieel (de wielen)
onderhanden en brengt deze weer in goede staat terug. Met zeer ervaren hand, ook weer met uiterste precisie wordt laag voor laag de verf,
volgens de oude methode uit 1826 aangemaakt, op de onderdelen gezet (vakterm). Het kwastje dat zij daarvoor gebruikt vertelt ons dat dit geen huis-
tuin- en keukenschilder is maar duidelijk iemand die even iets meer kan. Met name het bladgoud wordt zorgvuldig verwerkt op het wagenwiel.


Vakidioot? Nou neen, meer dan gewoon goed in haar werk.

Een ander bijna uitgestorven vakgebied is dat van leerbewerking. Niet iemand die even een schoen(ook vakwerk) of riem(simpel) in elkaar zet.
Neen, een ECHTE vakman die weet wat leer kan en doet. Ermee vertrouwd is, zeker met de eigenaardigheden die dit materiaal met zich brengt.
Kortom, iemand die van wanten weet en het in de vingers heeft met dit soort moeilijk te bewerken materiaal om kan gaan. Aan alles wordt aandacht
geschonken, zelfs het leer op het trapje van de koets. Het wordt eerst nauwkeurig samen gevoegd met het steunmateriaal, waaronder lijm alvorens het
eindproduct op zijn plek te worden aangebracht.

Bij goed bevinden nauwkeurig gelijmd, en geplaatst op de voetenafstap waar de Koning en Koningin t.z.t. hun voetsporen zullen achterlaten.
Ook hier is er sprake van aloude technieken gepaard gaande met het met de hand vervaardigden van het geheel. Geen naaimachine, die tegenwoordig
bijna elke leerbewerker in zijn bezit heeft, werd hiervoor gebruikt. Gezien de hoeveelheid leer, leek er nog een lange weg te gaan.
De twee treden van het trapje waren in goede handen. Dit is vakbekwaamheid in ultimo.


Meesterschap verraadt zichzelf.

Koperslager, zo werd dat vroeger genoemd, is tegenwoordig een zeldzaam vakgebied. Een enkeling heeft het geleerd en profiteert daar ook van.
Daarvoor zijn wederom zeer gespecialiseerde gereedschappen voor nodig die het eeuwfeest met gemak hebben overleefd. Je dient op dit niveau je stiel
echt goed te kennen, anders is zoals het spreekwoord dit aanduidt 'Leiden in last'. Maar de man die hier bezig is, weet wat dit 'kunstenaarsschap' inhoudt.
Het staat wel tussen aanhalingstekens maar kan net zo goed zonder zijn. Want het IS een VAK, dat allang de term koperslager is ontgroeit.
Wie is de man achter dit werk.


Eeuwenoude ambachten en technieken.

Het koperslagersatelier Zoppi werd in 1916 opgericht door J.B.M. Zoppi. Sinds 1941 is de firma in de Jacobastraat gevestigd te Den Haag en is onder
andere gespecialiseerd in het vervaardigen en restaureren van exclusieve verlichting en kunstobjecten. Het ambacht van de koperslager wordt bij
Zoppi met bijna dezelfde technieken uitgevoerd als een eeuw geleden.

Het embroiderie en restauratieatelier Mosenbacher uit Den Haag tekende o.m. voor het werken met naald en draad. Kortom, ook met technieken van
tientallen en tientallen jaren oud. Onderzoek naar het materiaal nam uiteraard behoorlijk veel tijd in beslag. Het pre-tekenen op de stof idem dito.
Dan komt het feitelijk werk. Dat heet gewoon zeer consequent arbeiden.


Embroiderie is echt een vak!

Uitsluitend gouddraad werd gebruikt voor de letter, kroon en andere versiering op de fluwelen stof. Dan is de tijdseenheid eigenlijk niet van belang.
Ziet u het al voor zich? Draadje voor draadje met de op foto zichtbare naald werd het geheel samengevoegd tot iets groots, iets uniek dat
buitengewoon weinig voorkomt. Blaadje voor blaadje kreeg het ontwerp, dat al meer dan een 150 jaar vast staat, zijn vorm. Lijn voor lijn uitgeteld en
dan voorzien van de bijbehorende kleur zijdedraad. De cirkel spande de boog voor het geheel. De kroon maakte het geheel af met de fraaie letter W.


De embroiderist

Niet alleen vrouwen zijn bekend met embroiderie maar ook mannen. Ziehier een staaltje vakmanschap op het gebied van borduurkunst. De kwasten aan
de buitenkant van de bok werden aangebracht met een vakliefde waar alleen met bewondering en groot respect naar kan worden gekeken.
De binnenkant maakte de meester embroiderist en passant ook in orde. Het gepleegde vakmanschap staat wel in verhouding tot en de werkzaamheden
die eraan zijn verricht , de prijs en het jarenlange plezier dat de Vorst der Nederlanden ervan zal hebben.
Het gezegde 'Met naald en draad voor u paraat' gaat hier in elke geval wel op.

Als klap op de vuurpijl voltooide meesterschilder Pouwels, met fraaie penseelstreken, Rembrandt waardig, het geheel met de door hem aangemaakte
speciale verf uit die tijd. Ook dat is een Hogeschool techniek die bijna verloren was gegaan, tussen alle Appels, Corneilles en andere non-conformistische schilders. De door hem gebruikte technieken staan nog immer voor kwaliteit en vakmanschap een meesterschilder waardig.


Embroiderie op zijn mooist, binnenkant plafond van de Glazen Koets


Embroiderie heeft duidelijk zijn plek in de Glazen Koets gevonden. Je vindt het op vele plaatsen. Het plafond, de binnenkant van de deuren, de zit- en
rugkussens, op de bok die bekleed is met een meer dan fraai kleed waarop de W van Willem pontificaal staat aangegeven. Zo weet een ieder van wie
dat rijtuig wel is, juist Willem-Alexander Koning der Nederlanden. Een ieder die iets van borduren in extenso af weet, wordt stil van en de kwaliteit
en de perfectie waarmee dit tot stand is gekomen. En dan is tellen echt een vak! De Koning heeft het door zijn moeder ingezette plan tot verbetering van
de oudste Glas Berline die de Koninklijke Stallen hebben, op 16 maart 2015 mogen dopen.